Hoofdletters en leestekens

Gilles,Luc en Kyra

wanneer hoofdletters en leestekens

Punt.

  • Aan het eind van een zin schrijf je een punt.
  • Er komt geen spatie vóór de punt.
  • Als je na de punt op dezelfde regel verdergaat, komt er een spatie tussen de punt en het volgende woord.
  • Als de zin eindigt met een afkorting die al een punt heeft, komt er geen tweede punt.
    Dus: tot ziens op 12 mei a.s.

Vraagteken?

  • Na een vraag schrijf je een vraagteken.
  • Er komt geen spatie vóór het vraagteken.
  • Als je na het vraagteken op dezelfde regel verdergaat, komt er een spatie tussen het vraagteken en het volgende woord.

Uitroepteken!

  • Na een waarschuwende tekst schrijf je vaak een uitroepteken, bijvoorbeeld op een bordje: "Pas op, nat!"
  • Als je in een tekst wilt laten zien dat iets geroepen wordt, gebruik je ook een uitroepteken, bijvoorbeeld als iemand roept: "Ik ben hier!"
  • Er komt geen spatie vóór het uitroepteken.
  • Als je na het uitroepteken op dezelfde regel verdergaat, komt er een spatie tussen het uitroepteken en het volgende woord.

Komma,

Zie de pagina komma.

Dubbele punt:

Zie de pagina dubbele punt, puntkomma.

Puntkomma;

Zie de pagina dubbele punt, puntkomma.

"Dubbele aanhalingstekens" en 'enkele aanhalingstekens'

Zie de pagina aanhalingstekens.

Accenten

Het zijn eigenlijk geen leestekens, maar we hebben het onderwerp 'accenten' ook in dit deel van de website ondergebracht. Denk aan klemtoontekens (hij én ik) en wanneer komen er streepjes op het woord 'een' (één)?

Zie de pagina accenten.


http://www.beterspellen.nl/website/index.php?pag=28


  • Een nieuwe zin begin je met een hoofdletter
    • Alle namen begin je met een hoofdletter
  • Namen van bijvoorbeeld personen, plaatsen, landen en merken begin je met een hoofdletter.Afkortingen worden met een hoofdletter geschreven

  • Afkortingen schrijf je met een hoofdletter. Bijvoorbeeld:

    Wij vliegen met de KLM naar onze vakantiebestemming.

  • oefenzinnen

    1. mevrouw van den bosch-van wijnen
    gaat op wintersport in de franse plaats tignes
    2. na het eten zei harry
    ik laat nog even de hond uit
    3. het gedichtenbal vindt dit jaar op
    30 januari
    in paradiso plaats
    4. s hertogenbosch is de hoofdstad van
    noord brabant
    5. Tijdens het avondeten riep hij bah ik lust geen spruitjes
    6. laat maar zei hij ik doe het zelf wel
    7. Hij wil niet naar Spanje daar is het hem te warm
    8. wat ga jij in augustus doen
    9. met pinksteren gaan wij naar het noordoosten van groningen
    10. t lijkt wel of meneer van balen het nooit leert.