Overlijden

Alles over overlijden

Begrafenissen en crematies

De Wet op de lijkbezorging (WLB) regelt wat er moet gebeuren als iemand komt te overlijden. Zo zijn er regels voor begraven en cremeren. Naast de wet is er ook nog een Besluit op de lijkbezorging.


Voor begrafenissen en crematies gelden de volgende regels:


  • Een overledene mag niet eerder dan 36 uur na het overlijden begraven of gecremeerd worden. Dit moet omdat er eventueel een strafrechtelijk onderzoek moeten worden gedaan. Daarnaast geeft de termijn nabestaanden de tijd te kiezen tussen crematie en begraven en de uitvaart te regelen. Begraven of cremeren binnen 36 uur na overlijden is alleen mogelijk met toestemming van de officier van justitie en de burgemeester van de gemeente waar de persoon is overleden.
  • Een overledene mag niet later begraven of gecremeerd worden dan 6 werkdagen na het overlijden, tenzij de burgemeester van de gemeente toestemming geeft. Dit termijn is wettelijk vastgelegd.
  • Een overledene mag alleen begraven worden op een begraafplaats of gecremeerd worden in een crematorium.
  • In uitzonderlijke gevallen kan de gemeente toestemming geven voor het begraven op eigen grond.


In Nederland is het niet toegestaan overledenen te resomeren. Daarbij wordt het lichaam opgelost met speciale vloeistof. Ook cryomeren is verboden, dat is het bevriezen van een lichaam.


Grafrechten geven recht op een plek op een begraafplaats voor een bepaalde periode. Bij een gemeentelijke begraafplaats betaalt u grafrechten aan de gemeente. Bij een bijzondere begraafplaats betaalt u grafrechten aan de houder van die begraafplaats.

Big image

Wat moet er geregeld worden bij een uitvaart?

Als iemand is overleden moet een arts het overlijden vaststellen. Aangifte van overlijden wordt gedaan bij de gemeente.


Een arts moet het overlijden vaststellen. Dit kan een huisarts zijn of een arts van het ziekenhuis. De arts stelt de oorzaak van overlijden vast en geeft bij een natuurlijke doodsoorzaak een verklaring van overlijden af. Bij minderjarigen schakelt de arts een gemeentelijk lijkschouwer in. Dit gebeurt ook als er twijfel is bij de doodsoorzaak. Wanneer de gemeentelijk lijkschouwer er niet van overtuigd is dat het een natuurlijke doodsoorzaak is geweest, schakelt hij de officier van justitie in.


Meestal doet de begrafenisondernemer aangifte van overlijden, maar nabestaanden kunnen dit ook doen. Dit gebeurt bij de burgerlijke stand in de gemeente van overlijden. Aangifte moet vóór de uitvaart en (bijna) altijd binnen 6 werkdagen na het overlijden gedaan zijn. Dit komt omdat de uitvaart volgens de wet binnen 6 werkdagen moet plaatsvinden.


Op verzoek kan een begrafenisondernemer u bijstaan bij alle beslissingen die genomen moeten worden bij een overlijden. Het is niet wettelijk verplicht.


Een uitvaartverzekering is niet verplicht. Heeft de overledene geen verzekering, dan moeten de nabestaanden de uitvaart betalen. Als er geen nabestaanden zijn, neemt de burgemeester de zorg hiervoor op zich. De gemeente betaalt de begrafenis of crematie dan.

Wat kan er geregeld worden bij een eigen uitvaart?

Wensen voor een eigen uitvaart kan worden vastgelegd in een verklaring. Deze kan zelf worden opgesteld of kan door notaris worden opgesteld. De verklaring moet worden ondertekend, met de datum erbij vermeld. In een nieuwe verklaring worden de eerder gemaakte verklaring herroepen.
Big image