Kleuters

De kenmerken van de Sociaal Affectieve Ontwikkeling

De ontwikkelingen

Samen delen; De kleuter krijgt steeds meer te maken met zogenaamde plaatsvervangende opvoeders. Dit zijn andere personen, naast de ouders, met wie de kleuter een gezags- en vertrouwensrelatie krijgt.

Identificatie; Imitatie speelt een belangrijkerol bij de sociaal-affectieve ontwikkeling. Het kint bootst het gedrag van anderen na om erbij te willen horen.

Fantasiespel; De kleuter heeft een enorme fantasie. Dit blijkt ook uit zijn spelgedrag. Nog sterker dan bij de peuter, hebben allerlei gewone voorwerpen een bijzondere betekenis. De kleuter kan bepaalde taken onderscheiden en is daaromin staat tot 'rollenspel'.

Geweten; De oudere kleuter krijgt besef van wat goed of fout is, lief en stout, juist of onjuist en krijgt zo ook een schuldgevoel. Waar de peuter nog dacht 'mag niet van mama', daar denkt de kleuter 'ik ben stout geweest'. Zo verwerft de kleuter een zelfbeeld: zo ben ik, dat kan ik, en dat kan ik niet.

Eigen identiteit; Het beeld dat een kleuter van zichzelf heeft is vooral gebaseerd op wat ouders en begeleiders tegen het kind zeggen. Later gaat hierbij ook de mening van de andere kinderen een rol spelen.