Darmonderzoek

Schone darmen

Laxeermiddelen

In voorbereiding op het inwendig darmonderzoek gebruik je een laxeermiddel om je darmen te reinigen. Er bestaan verschillende laxeermiddelen.


Er zijn laxeermiddelen die bestaan uit zogenoemde macrogolen met electrolyten (mineralen). Voorbeelden hier van zijn Kleanprep®, Colofort® en Moviprep®. De laxerende stof is het macrogol. Deze stof neemt de darmwand niet op, maar het houdt wel water vast. Hierdoor spoel je schoon.


De bestaande laxeermiddelen kun je eigenlijk onderverdelen in twee categorieën. Een categorie waarbij je veel laxeermiddel moet drinken en een categorie waarbij je weinig laxeermiddel hoeft te drinken.

Wat is de spijsvertering?

De spijsvertering is letterlijk ‘het verteren van spijzen’ tot stoffen die het lichaam omzet in energie of bouwstoffen. Bouwstoffen hebben we nodig om te groeien en te functioneren maar ook om bijvoorbeeld te herstellen na ziekte. En daardoor is het hebben van schone darmen heel belangrijk bij de spijsvertering.


Vezelarm dieet

Vezelarme voeding is nodig voor schone darmen voor het darmonderzoek


Om er zeker van te zijn dat de darmen schoon zijn voor het inwendig darmonderzoek, kun je het beste twee, drie of zelfs vijf dagen (ziekenhuis afhankelijk) van tevoren beginnen met een vezelarm dieet. Hierbij eet je makkelijk verteerbare ingrediënten en zo min mogelijk vezels.


Wat mag je niet eten tijdens een vezel arm dieet?


  • Volkoren graanproducten zoals brood met zaden en volkorenbrood, volkoren en meergranen pasta en zilvervliesrijst.
  • Vezelige groenten zoals asperges, bamboe, bleekselderij, zuurkool, snijbonen, sperziebonen, prei, doperwten, peulvruchten, taugé, mais, champignons, tomaten, ui, knoflook, spinazie, andijvie, paprika’s en rauwkost.
  • Bepaalde fruitsoorten zoals sinaasappel, grapefruit, mandarijnen, kiwi’s, bramen, druiven, aardbeien en gedroogde vruchten.
  • En verder: noten, pinda’s en zaden



Wat mag je wel eten tijdens een vezel arm dieet?


Broodmaaltijden zoals:

  • Beschuit, wit- of lichtbruinbrood met margarine of boter
  • Magere vleeswaren, een gekookt ei, hagelslag, chocoladepasta, honing, stroop en jam zonder pitjes
  • Fruit zoals: zacht, rijp fruit zonder pitjes of fruitconserven zonder pitjes, vezels of schil.
  • Appelmoes of vruchtenmoes



Warme maaltijden zoals:

  • Soep met stukjes vlees, vermicelli en/of soepballetjes (zonder groenten)
  • Aardappelpuree, witte rijst, pasta, macaroni.
  • Licht gebraden mager vlees, vis of kip (zonder vel).
  • Gaar gekookte groenten zoals: bloemkool, de roosjes van de broccoli, worteltjes
  • Desserts* zoals: vla, pudding, kwark of yoghurt