Moslims In Dialoog

Voor een islamitisch bewustzijn

Leef en laat leven, alleen Allâh mag oordelen!?



Bismillâhi Rahmâni Rahîm, Alhamdulillâhi Rabbil 'Âlamîn was-salâtu was-salâmu 'alâ nabiyyinâ Muhammadin wa 'alâ ahlihi wa ashâbihi ajma'în amma ba'd.


In de Naam van Allâh, de Erbarmer, de Meest Barmhartige.

As-salâm 'alaykum warahmatullâhi wa barakâtuh beste broeder of zuster,


Hoe vaak horen wij dit de laatste tijd? Wanneer een broeder of zuster wordt aangesproken op een zonde, wordt er gezegd: 'Kijk naar jezelf'of 'Alleen Allâh mag oordelen'. Is dit ook zo? Is de Islâm een geloof van ‘leef en laat leven’?

Het antwoord vinden we terug in de overlevering van de leider der gelovigen 'Umar ibn al-Khattab (moge Allâh tevreden met hem zijn). Hij zei:

“Wij oordelen over hetgeen wat zichtbaar is ..”

''In de tijd van de Boodschapper van Allâh (vrede en zegeningen zij met hem) werden mensen aan de hand van de openbaring ter verantwoording geroepen. Nu de openbaring gestopt is, zullen wij jullie aan de hand van jullie uiterlijk gedrag beoordelen; Wie ons het goede laat zien, zal van ons veiligheid krijgen en ons nabij zijn, en wij zullen hem niet ter verantwoording roepen over wat hij in het heimelijke verricht. Allâh zal zijn verborgen gedrag met hem afrekenen. Maar wie ons het slechte laat zien, zal van ons geen veiligheid krijgen en wij vertrouwen hem niets; zelfs als hij zegt dat hij in zijn hart goed was (dat zijn bedoelingen goed waren).'' (Bukhâri 3:809)


Hierin wordt duidelijk gemaakt dat wij kunnen en mogen oordelen op wat zichtbaar is. Als iemand dus in het openbaar een zonde pleegt, kunnen wij hierover oordelen en zeggen dat hetgeen wat deze persoon doet harâm is. Wij keuren hiermee de zonde af en niet direct de persoon.

Naast het feit dat wij dus oordelen op wat wij zien, dienen wij het slechte te verwerpen en het goede aan te bevelen. De Islâm is geen geloof van ‘leef en laat leven’. Wij zijn allen broeders en zusters van elkaar en willen het beste voor elkaar en dat is het Paradijs. Wanneer wij iemand een zonde zien plegen, dienen wij deze persoon te adviseren op een goede wijze zonder dat diegene zich hierdoor vernederd voelt. Dit wordt bewezen middels de volgende overlevering:

Abu Sa'id al-Khudri (moge Allâh tevreden met hem zijn) zei: “Ik heb de Boodschapper van Allâh horen zeggen (interpretatie van de betekenis):

“Wie van jullie iets verwerpelijks ziet, laat hem dat met zijn hand veranderen. Indien hij daartoe niet in staat is, dan met zijn tong. Indien hij daartoe niet in staat is, dan met zijn hart. En dat is de zwakste vorm van het geloof.”
(Muslim)

Men dient NIET te adviseren als hij of zij niet het verschil kent tussen adviseren en vernederen. Dan dient men het af te keuren met het hart en iemand anders te vragen die hier wel toe in staat is.

Ook in de Luisterrijke Qurân beveelt Allâh ons om elkaar aan te sporen tot het goede en het slechte te verbieden. Zo zegt Allâh de Verhevene (interpretatie van de betekenis):

“En de gelovige mannen en de gelovige vrouwen zijn elkaars helpers, zij roepen op tot het behoorlijke en verbieden het verwerpelijke.” {Qs 9:71}

Ook een deel van het volk Bani Israël werd vervloekt, onder andere doordat ze elkaar niet adviseerden om het slechte te verwerpen en tot het goede aan te sporen. Zo zegt Allâh de Almachtige in de Edele Qurân:

“Vervloekt waren degenen die ongelovig waren van de Kinderen van Israël, door de tong(en) van David en Isa, de zoon van Maria. Dit was omdat zij ongehoorzaam waren en (de wet) plachten te overtreden. Zij verboden elkaar het verwerpelijke niet dat zij verrichtten. Slecht was het wat zij plachten te doen!” {Qs 5:78-79}

Hoe kunnen wij dan nog zeggen dat Allâh de Enige is die in het wereldse leven mag oordelen over de daden van een persoon en dat dit zelfs ongepast/verboden is? Het zeggen van "Only Allâh can judge me" is daarom een slogan die overduidelijk geïnspireerd is door de vervloekte shaytân, zodat men in alle rust kan zondigen zonder enige bemoeienis van derden.

Ook moeten we niet vergeten dat een advies niet altijd slecht bedoeld is. En dat degene die adviseert niet arrogant is en zichzelf beter voelt, integendeel. Laten we hem of haar het voordeel van de twijfel geven en bedanken wanneer hij of zij ons herinnert aan Allâh de Verhevene en Zijn regelgeving. Dit in plaats van te zeggen dat hij naar zichzelf moet kijken of dat hij zelf nog lang niet perfect is kunnen we zeggen: "Moge Allâh jou zegenen voor deze profijtvolle advies".

Zo heeft de boodschapper van Allâh (vrede en zegeningen zij met hem) gezegd dat de meest gehate uitspraak bij Allâh is wanneer een man tegen een andere man zegt (dit geldt uiteraard ook voor vrouwen); "Vrees Allâh!" en hij antwoordt met; "Houd je bezig met jezelf". (As-Sahîhah 2598)

Vervolgens dienen we na te gaan of het verkregen advies wel juist is. Want het verkrijgen van advies betekent natuurlijk niet dat het om een goed advies gaat. Wanneer dit niet het geval is, kan men dit weer op een goede wijze terugkoppelen naar diegene die het advies heeft gegeven. Zo blijven de moslims elkaar scherp houden en voorkomen we vele zonden die we bewust of onbewust verrichten inshâ Allâh.

Moge Allâh de Verhevene ons leiden op het rechte pad en ons laten behoren tot de oprechte raadgevers en diegene die goede raad aannemen, Allâhumma âmîn.


Subh'ânaka Allâhumma wa bih'amdik, ash-hadu allâ illâha illâ anta, astaghfiruka wa atûbu ilayk.

Wa 'alaykum as-salâm warahmatullâh,