hechtingsstoornis

Wat is een hechtingsstoornis?

Er bestaan verschillende soorten van gehechtheid. Met de 'Vreemde Situatieprocedure' zijn er vier verschillende categorieën in te delen:

  • Veilige gehechtheid. 70% van de kinderen is veilig gehecht. Het kind is niet onveilige hechting wanneer de persoon is weggeweest en weer terugkomt (in een onbekende omgeving/situatie), zoals het vermijden of afweren van de persoon.
  • Vermijdende gehechtheid. Dit is onveilig. Het kind gaat overdreven op onderzoek uit in de omgeving en wanneer de persoon weer terugkomt, vermijdt hij die.
  • Ambivalente gehechtheid. Dit is onveilig. Wanneer de persoon weggaat, klamt hij zich overdreven vast, maar weren hem ook af. Ze zijn ontroostbaar en gaan niet echt op onderzoek uit.
  • Gedesorganiseerde gehechtheid. Hierbij is de hechting ernstig verstoord. Deze kinderen hebben geen duidelijke strategie. Zo kunnen ze bijvoorbeeld hard huilen en om de persoon roepen, maar bij terugkeer van die persoon wordt hij vermeden

Het gedesorganiseerde gehechte kind (nr 4 van de indeling) heeft een reactieve hechtingsstoornis. De andere onveilige hechtingen zijn geen stoornissen, maar kunnen er wel voor zorgen dat het kind gedragsproblemen gaat vertonen.
Er bestaan twee soorten reactieve hechtingsstoornissen. De geremde en de ontremde stoornis. Kinderen met de geremde hechtingsstoornis reageren niet goed in sociale situaties. Zo zoeken ze bijvoorbeeld contact met hun verzorger en kijken tegelijkertijd de andere kant op. Het gedrag van het kind is vaak agressief en moeilijk te voorspellen. Zo kunnen ze het ene moment heel vriendelijk zijn en het andere moment heel erg verdrietig of boos. Kinderen met de geremde hechtingsstoornis zijn vaak verwaarloosd of mishandeld. Maar als je verwaarloosd of mishandeld bent, hoef je niet altijd de stoornis te krijgen. Hierin spelen dus nog meer factoren een rol, waarover straks meer wordt verteld.

Willem Lems - relatietherapeut; Liefde en Hechting

DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders)

DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) is een handboek dat in de meeste landen wordt gebruikt bij het diagnosticeren van een psychische stoornis. Dit boek geeft criteria waar iemand aan moet voldoen om daadwerkelijk de diagnose te krijgen van die stoornis. De criteria voor reactieve hechtingsstoornis zijn als volgt (volgens het DSM-IV, het vierde boek van DSM):

a) In de meeste situaties opmerking verstoorde en niet aan de ontwikkeling aangepaste sociale relatievormen, optredend voor het 5e jaar en duidelijk zichbaar in:

  • een voortdurend mislukken om op een aan de leeftijd aangepaste wijze sociale interacties te stellen of erop te antwoorden, zoals duidelijk door overdreven geremde, overalerte of erg ambivalente en tegenstrijdige reacties
  • een gebrek aan duidelijke bindingen, wat blijkt uit een onvermogen om in sociale relaties een onderscheid des persoons te maken, met een duidelijk onvermogen om op die verschillende personen passend te reageren.

b) De stoornis mag niet te wijten zijn aan een algemene ontwikkelingsstoornis zoals een mentale handicap, of een

  • symptoom zijn van een pervasieve ontwikkelingsstoornis zoals het autisme.

c) Er moeten sporen zijn van een vroegkinderlijke verwaarlozing:

  • voortdurende veronachtzaming van emotionele basisbehoeften (koestering, troost, aanmoediging van het kleine kind)
  • verwaarlozing van de fysieke basisbehoeften (verzorging, voeding)
  • herhaaldelijke wisseling van basisverzorgers, waardoor geen stabiele hechtingen mogelijk waren

d) Men mag veronderstellen dat de verwaarlozing onder punt c verantwoordelijk is voor het gestoorde gedrag, dat ook volgde op die verwaarlozing.

Big image

Tips hechtingsstoornis

De problemen die bij een hechtingsstoornis voorkomen kunnen ook (voor een groot deel) worden voorkomen. Het uitgangspunt van elke situatie met betrekking tot kinderen met een hechtingsstoornis is dat ze een veilige uitgangssituatie nodig hebben. Als er in de thuissituatie veel stress en onrust is, kan een andere omgeving als rustpunt gelden voor een kind met een hechtingsstoornis. Belangrijk in het leven van kinderen met een stoornis in de hechting is dat er stabiele personen in de omgeving zijn die duidelijkheid, structuur en grenzen aan kunnen bieden.
Lukt dit niet goed, wees dan niet te trots, maar zoek hulp!

Residentiele jeugdzorg

Vroeger mochten de hulpverleners geen band opbouwen met de kinderen die er opgenomen werden. Dit omdat het een klap zou zijn als de hulpverlener weer uit het leven van het kind zou verdwijnen. Tegenwoordig weten we dat het juist goed werkt als de kinderen een band opbouwen met hulpverleners.

Kinderopvang

Een kind kan zich aan meerdere personen hechten, zolang dit maar op stabiele basis is. Kinderopvang is niet schadelijk voor het kind, zolang de kwaliteit maar goed is. Als de kinderopvang slecht is, en thuis is er ook een slechte situatie, dan is dat weer extra slecht voor het kind.

Opvoedingsondersteuning: doorbreken van intergenerationele overdracht van gehechtheid.
Soms zijn de ouders zelf onveilig gehecht. Dan bestaat de kans dat deze onveilige gehechtheid wordt overgedragen op hun eigen kind. De vroege ervaringen van de ouder zorgen er namelijk voor dat zij een bepaald beeld hebben gekregen van hoe gehechtheid zou moeten zijn. Dit zorgt voor bepaald gedrag van de ouder, waardoor het eigen kind weer dat soort (gehechtheids)ervaringen opdoet.
Door ervoor te zorgen dat de ouder deze ervaringen verwerkt, kun je voorkomen dat hun eigen kind ook weer gehechtheidservaringen opdoet. Ook kun je werken aan het gedrag van de ouder en dat op die manier hij op een andere manier naar gehechtheid leert kijken.

Algemene behandeling

De 'traditionele' behandelingen bestaan voornamelijk uit het praten tussen de therapeut en het kind. Op die manier wordt er een vertrouwensband opgebouwd. Van daaruit kan het kind zich dan verder ontwikkelen, met hulp van de therapeut. Er ontstaat een relatie die bestaat uit vertrouwen (van allebei de kanten), respect, (emotionele) eerlijkheid en de mogelijkheid om je gedachten en gevoelens te verwoorden.

Big image

Gedicht

Als vader en moeder spelen

Met hun paar maanden oude kind.

Als je de geluiden hoort,

Als je het licht in hun ogen ziet,

Dan zie je wisselwerking tussen

Liefde en hechtingsgedrag

Ben je ver van huis mijn kindje

en je zoekt in donkere nacht

naar een haven om te rusten

weet dat thuis je bedje wacht

Twee paar handen om te groeien

en twee stemmen die verblijd

om jouw thuiskomst zullen roepen

welkom, welkom lieve jongen / meid

Altijd zijn er open armen

waar je rust en warmte vindt

wat er ook gebeurt in het leven

thuis blijft steeds jouw haven kind