Streetdance Oldskool

ckv cultureel beeldverslag

Trishala Ramjiawan

Introductie

Op dinsdag 5 februari 2013 was er een workshop Streetdance op school. Ik heb met deze workshop meegedaan.

Streetdance

Streetdance is ontstaan begin jaren '80 in New York. Vooral in de achterbuurten werd er veel op straat gedanst. Hier komt ook de naam vandaan. Deze dansers zijn vaak gekleed in "baggy clothes". In Europa brak streetdance pas door in de jaren '90. Deze stijl had veel invloed op mode, videoclips, graffiti, dj's, rappers, scratchers etc. Bij streetdance zijn veel bewegingen gericht op bewegingen uit videoclips. Streetdance verandert hierdoor eigenlijk continu. De streetdancebewegingen zijn vaak vrij losjes en komen heel luchtig over. Er wordt meestal op heel snelle muziek gedanst, waardoor het een flitsend effect heeft. Een van de bekendste bewegingen is de snake. Deze is gebaseerd op de lenigheid van een slang. Het is hierbij eigenlijk de bedoeling dat men als het ware met zijn lichaam "rolt". Streetdance is "bouncen op de beat" men danst streetdance vooral op hiphop en R&B-muziek. Een van de grootste inspiratiebronnen voor streetdance was MC Hammer, een oldschool rapper bekend om zijn danspasjes. Streetdance is niet gewoon dansen, maar een combinatie van techniek, pasjes en goed ritmegevoel.

De les

De les was heel leuk en leerzaam. We hebben een leuk dansje geleerd. De leraar was ook erg enthousiast en ik ook! De manier van lesgeven was erg snel. Ik vond zelf wel dat er een lekker tempo in zat. Soms als je een pasje niet door had, kreeg je het opnieuw uitgelegd, maar dan ging hij ook wel snel weer verder. We kregen ook vaak complimentjes, dat we goed ons best deden en dat het er goed uit zag, dat was wel fijn voor iemand die nog nooit echt een les in Streetdance heeft gehad.

De Dans

Pasje 1: Bounce op de beat en neem je armen mee. Strak, maar toch ook losjes. De telling gaat als volgt: 1, 2, 3, 4 en dat 4x. Je gaat links, rechts, links, links, rechts, links, rechts, rechts.

Pasje 2: Boks naar rechts met beide armen. Je rechter hand houd je recht en je linker arm houd je ook strak, maar gebogen naar rechts. Vervolgens ga je naar diagonaal naar beneden met je armen. Dan gaan je linker arm gestrekt naar links toe, je rechter arm gaat gebogen maar strak naar links. Dan weer diagonaal naar beneden en weer terug zodat je armen horizontaal zijn.

Pasje 3: Je staat rechts en beweegt nu alleen met je handen. Je handen gaan gekruist naar je sleutelbenen en dan weer iedere hand zijn eigen kant. Vervolgens doe je met een kleine bounce je handen weer omlaag naast je lichaam.

Pasje 4: Dit pasje lijkt op pasje 1, maar dan net met een twist. Je bouncet weer net als bij pasje 1, maar dit keer kijk je naar links en rechts. Je bovenlichaam draait naar links en rechts. Je handen houd je gekruist voor je borst en elke keer dat je naar de andere kant gaan wissel je ze om. Dus eerst is je rechterhand boven en als je draait dan gaat je linkerhand naar boven.

Pasje 5: Dit pasje is een beetje moeilijk uit te leggen en was ook moeilijk uit te voeren. Je rechter arm staat strak naar rechts. Met je linker arm maak je via je rechter arm een rondje, tegen de klok in. Dat doe je 1 keer. Je eindigt weer bij je rechter arm, vanuit daar trek je je linker arm strak naar achter, net alsof je pijl en boog gaat schieten. Je benen waggelen een beetje mee, waar je arm is, op die been leun je. Je waggelt in totaal 4 keer.

Dan ga je met je rechter arm verticaal naar boven en trek je het naar beneden totdat je hand je wanghoogte heeft bereikt. En daarbij maakt je been een stapje . Je benen stonden best wijd uit elkaar en nu ga je weer normaal staan, met maar een klein beetje space tussen je benen. Dit doe je oog met je linker hand en been. Nu sta je in een positie om te gaan boksen.

Pasje 6: Dit is een schokkerig achtige pasje. Je begint met je handen op je rechter heuphoogte. Je handen beginnen gekruist en eindigen niet gekruist. Dit doe je heel snel, in een schok. Je voet gaat en klein stapje naar voor en weer terug. Dit doe je ook aan de linkerkant. Vervolgens maak je een slide naar voren.

Stapje 7: Je slide naar links en dan maak je weer een halve slide naar voren. Dan tap je een kwart cirkel naar rechts naar voren. Tappen doe je door steeds een been ver naar boven te tillen en dan weer naar beneden en als die voet de grond raakt dan gaat de andere voet een klein beetje omhoog en dat de hele tijd, totdat je een kwart cirkel hebt gedaan. En dan weer een kwart cirkel terug.

Stap 8: Nu ga je weer een halve stap naar voren en naar rechts, dit doe je in één tel. Bij de tweede tel ga je naar achteren.

Stap 9: Met deze stap sluiten we de dans af. Je gaat met je hand en voet te gelijke tijd schuins naar voren. Als je het met je rechter hand/voet doet dan, stap je ook schuins naar voren naar de rechterkant. Dit doe je 2 keer. Je stopt als je hand en voet voor zijn bij de tweede keer, als je dan bent gestopt maak je een soort wave met je arm terug naar het midden, je benen sliden terug naar het midden en je lichaam maakt een bodyroll. En hetzelfde doe je met links, alles aan de linkerkant. En als aller laatst, spring je op je plek en maak je een stoere pose naar eigen keuze.