Hoofdstuk 4 Verbranding

Carmen en Nynke 3TC

Verbrandingsverschijnselen

Een brand herken je aan verbrandingsverschijnselen zoals licht, rook, gloeien, vonken, een brandgeur en warmteontwikkeling. Je kunt warmteontwikkeling niet zien, maar wel voelen. Je merkt hitte. Rook> bestaat uit gassen en uit kleine, zwevende vaste deeltjes die niet gloeien.

Roet> is een vettige substantie die vooral uit onverbrande koolstof bestaat.

As> ontstaat als bij een brand vaste stoffen overblijven.

Vlammen

Gele vlam zie je goed.

Blauwe vlam zie je niet goed.

Ruisende vlam met blauwe kern hoor je heel goed.

Wat is nodig voor een verbranding?

Je hebt 3 dingen nodig: Zuurstof, temperatuur en brandbare stof.

Een ontbrandingstemperatuur is de temperatuur waarbij hout gaat branden.

Blussen

Een brand kun je blussen door een brandvoorwaarde weg te halen. Met koolstofdioxide, zand, schuim, poeder en een blusdeken zorg je dat geen zuurstof bij de brandende stof komt. Met water, koolstofdioxide of zand verlaag je de temperatuur van de brand. Bij de meeste branden zijn water en zand geschikte blusmiddelen. Bij een benzine- of oliebrand gebruik je schuim, koolstofdioxide of een blusdeken.

Hoe stel je een reactieschema van een verbranding op?

1. Schrijf de beginstoffen en de reactieproducten op.

2. Schrijf het reactieschema in woorden op : links de beginstoffen met een + er tusssen. Dan een >. Rechts de reactieproducten, ook met een + ertussen.

3. Schrijf van elke stof het symbool of de komma formule op.

4. Schrijf het reactieschema op in symbolen. Dit doe je door de woorden te vervangen door formules.

5. Controleer of links en rechts van de pijl dezelfde symbolen voorkomen.

Bij verbranding ontstaan oxiden. Een oxide is een ontleedbare stof met in de kommaformule een O en het symbool van één andere niet-ontleedbare stof.


De fase van een stof geef je aan met (s), (l), (g), of (aq)

Aantonen van verbrandingsproducten.

Het verbrandingsproduct water toon je aan met het reagens wit kopersulfaat. Een reagens is een stof die je gebruikt om een bepaalde stof aan te tonen.

Met water wordt wit kopersulfaat blauw.

Het verbrandingsproduct koolstofdioxide toon je aan met het reagens kalkwater. Kalkwater wordt met koolstofdioxide troebel en wit.

Als je bij een verbranding water en koolstofdioxide hebt aangetoond, dan betekent dit dat de verbrande stof de kommaformule C,H heeft.


Koolstofdioxide is een kleurloos en reukloos gas.

Koolstofdioxide maakt kalkwater troebel.

Kalkwater word alleen troebel als het in contact komt met koolstofdioxide daarom is kalkwater een reagens voor koolstofdioxide.

Andere gassen maken kalkwater niet troebel.


Verbranding, milieu en gezondheid.

Bij voldoende luchttoevoer komt er voldoende zuurstof bij het gas en verbrandt het gas volledig. Er ontstaan dan koolstofdioxide en water dit heet dus een volledige verbranding.

Roet is koolstof.

Je herkent een onvolledige verbranding aan gele vlammen. De gele kleur wordt veroorzaakt door gloeiende roetdeeltjes.

Zwaveldioxide en stikstofoxiden veroorzaken ook zure regen. De toename van de hoeveelheid koolstofdioxide in de lucht is waarschijnlijk ook medeverantwoordelijk voor de opwarming van de aarde. Dit heet ook wel het broekaseffect.


Bij verbranding van aardolieproducten ontstaat ook zwaveldioxide. Om te voorkomen dat zwaveldioxide ontstaat, wordt aardolie ontzwaveld. De verbranding van benzine in auto´s is nooit volledig. Er ontstaat altijd koolstofmonooxide en stikstofoxiden. Bovendien komen onvoorbrande koolwaterstoffen vrij. Om dit probleem op te lossen wordt de uitlaat van nieuwe auto´s van een katalysator voorzien.


Cfk´s (chloorfluorkoolwaterstoffen) tasten de ozonlaag aan. Dat is schadelijk voor de gezondheid, omdat dan meer schadelijke UV-straling de aarde bereikt.


W-tje:

Verspreid over het gehele land staan meetstations die voortdurend de lucht onderzoeken. Deze snuffelpalen meten hoeveel schadelijke stoffen in de lucht aanwezig zijn. De meetgegevens worden doorgegeven aan een centrale computer. Op deze manier wordt duidelijk of er gevaar is voor de volksgezondheid.